Gelet op het verslag van de kerkfabriek O.-L.-V.- Hulp der Christenen (Sint-Maria-Aalter) van 6 februari 2025;
Gelet op het verslag van de kerkraad in verband met het punt "Verkoop pastorie"; dat er vermeld wordt dat het college vraagt geen initiatieven te nemen in verband met de verkoop van de pastorie omdat het gemeentebestuur nog steeds de intentie heeft om het gebouw te kopen; dat het college akkoord gaat dat de bijkomende kosten voor het onderhoud, energiekosten en de mislopen huurinkomsten via een budgetwijziging geregeld mogen worden;
Overwegende dat er een overleg tussen het centraal kerkbestuur en het gemeentebestuur op maandag 24 maart 2025 gepland is; dat dit punt geagendeerd is om te bespreken wat de huidige plannen hieromtrent zouden zijn;
Overwegende dat de afsprakennota gerespecteerd werd;
Overwegende dat er geen beslissingen werden genomen die de belangen van het gemeentebestuur kunnen schaden;
Gelet op artikel 57 van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten dat bepaalt dat een afschrift van de notulen van de vergadering van de kerkraad binnen een termijn van 20 dagen, ingaande op de dag na de vergadering, aan de provinciegouverneur, de gemeenteoverheid en het erkend representatief orgaan moet toegestuurd worden;
Gelet op artikel 58 van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten dat bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen bij gemotiveerd besluit de uitvoering kan schorsen van een besluit waarbij de kerkraad of het centraal kerkbestuur het gemeentelijk belang en inzonderheid de financiële belangen van de gemeente schaadt;
Gelet op de gemeenteraadsbeslissing van 21 oktober 2019 betreffende de goedkeuring van de afsprakennota met de kerkfabrieken en het centraal kerkbestuur;
Gelet op de gemeenteraadsbeslissing van 13 september 2021 betreffende de goedkeuring van de aanpassing van de afsprakennota met de kerkfabrieken en het centraal kerkbestuur;
Geen acties te ondernemen in het kader van het administratief toezicht en het overleg met het centraal kerkbestuur en het gemeentebestuur af te wachten.