Gelet op het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2019, artikel 184 §1, dat bepaalt dat het personeel in statutair of in contractueel dienstverband kan worden aangesteld;
Gelet op de bepalingen betreffende de opmaak van de personeelsformatie zoals opgenomen in het besluit van de Vlaamse regering van 7 december 2007 houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie, de rechtspositieregeling van het gemeentepersoneel en het provinciepersoneel en houdende enkele bepalingen betreffende de rechtspositie van de secretaris en de ontvanger van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn;
Gelet op de OCMW-raadsbeslissing van prefusiebestuur Aalter van 18 juli 2018 betreffende de personeelsformatie;
Gelet op de OCMW-raadsbeslissing van prefusiebestuur Knesselare van 13 december 2018 betreffende de personeelsformatie;
Gelet op de beslissing van het vast bureau van 30 september 2019 betreffende de functiebeschrijving van de directeurs in de cluster Zorg;
Gelet op de beslissing van het vast bureau van 25 november 2019 betreffende de personeelsformatie;
Gelet op de bespreking van het ontwerp van wijziging van de personeelsformatie met de representatieve vakbonden op 21 november 2019;
Overwegende dat de personeelsformatie de waarde heeft van een plan op het operationele niveau waarin de personele middelen worden vastgelegd voor de uitvoering van het beleid; dat het een veranderlijk beheersinstrument is dat wordt bijgestuurd naarmate de opvattingen over de dienstverlening evolueren en het werkvolume of de werkprocessen veranderen; dat jaarlijks binnen de budgettaire ruimte een personeelsplan wordt uitgewerkt waarin de geplande selectieprocedures worden opgenomen om de bezetting te laten evolueren binnen de contouren van de personeelsformatie;
Overwegende dat het aangewezen is om de personeelsformatie op regelmatige basis te evalueren en actualiseren;
Overwegende dat bij het vaststellen van de formatie een onderscheid gemaakt wordt tussen de formatie bestaande uit de statutaire en contractuele betrekkingen;
Overwegende dat de aanpassing van de personeelsformatie het financieel beleid van het lokaal bestuur niet in het gedrang brengt en dat het noodzakelijk financieel evenwicht niet wordt verstoord;
Overwegende dat in de wijziging die nu wordt voorgelegd, de samenvoeging is opgenomen van de personeelsformaties van alle prefusiebesturen afgestemd op de huidige bezetting; dat het bestuur ook beoogt in te zetten op de noodzaak om kwaliteitsvol personeel aan te trekken en in dienst te houden;
Overwegende dat bij de fusie voor de subsidiëring sociale maribel het arbeidsvolume van de prefusiebesturen werd samengevoegd; dat het OCMW kampt met een aantal langdurig zieken onder de poetsvrouwen die nog steeds meetellen voor het arbeidsvolume en vermoedelijk in pensioen zullen gaan zonder het werk te hervatten; dat voor de dagelijkse werking zij reeds zijn vervangen door andere personeelsleden; dat deze pensionering van langdurig zieken een daling van het arbeidsvolume in het OCMW teweeg zal brengen die niet zomaar kan opgevangen worden; dat het aangewezen is om bij de formatiewijziging hiervoor een buffer te voorzien;
Overwegende dat in het kader van een optimalisering van de subsidiëring sociale maribel wordt voorgesteld om in de toekomst alle poetsvrouwen (zowel thuiszorg als gebouwen) en medewerkers in het kader van de karweidienst onder de juridische entiteit van het OCMW onder te brengen; dat er voor de personeelsleden niets verandert aan hun arbeidsvoorwaarden;
Overwegende dat volgende wijziging wordt voorgesteld:
|
niveau |
statuut |
Formatie |
Bezetting |
Formatiewijziging |
|
dec |
statutair |
1,5 |
0 |
0 |
|
A5a-A5b |
statutair |
1 |
2 |
2 |
|
B1-B3 |
contractueel |
12 |
12,2 |
15,5 |
|
B1-B3 |
statutair |
2 |
3,6 |
0 |
|
C1-C3 |
contractueel |
5,5 |
10,3 |
11,5 |
|
C1-C3 |
statutair |
2 |
1 |
0 |
|
D1-D3 |
contractueel |
2 |
1,3 |
0,5 |
|
D1-D3 |
statutair |
0 |
0 |
0 |
|
E1-E3 |
contractueel |
20 |
17,23 |
29,6 |
|
Eindtotaal |
46 |
47,63 |
59,1 |
Volgende personeelsformatie vast te leggen met ingang van 1 januari 2020:
|
niveau |
statuut |
VTE formatie |
|
dec |
statutair |
0 |
|
A5a-A5b |
statutair |
2 |
|
B1-B3 |
contractueel |
15,5 |
|
B1-B3 |
statutair |
0 |
|
C1-C3 |
contractueel |
11,5 |
|
C1-C3 |
statutair |
0 |
|
D1-D3 |
contractueel |
0,5 |
|
D1-D3 |
statutair |
0 |
|
E1-E3 |
contractueel |
29,6 |
|
Eindtotaal |
59,1 |
De personeelsformaties van de prefusiebesturen op te heffen met ingang van 1 januari 2020.