Gelet op de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn;
Gelet op de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet;
Gelet op het decreet van 24 juli 1996 houdende regeling tot erkenning en subsidiëring van de instellingen voor schuldbemiddeling en tot subsidiëring van een Vlaams centrum voor schuldenlast;
Gelet op het decreet van 21 juni 2013 houdende diverse bepalingen van het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin;
Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 25 maart 1997 tot uitvoering van het decreet van 24 juli 1996 houdende regeling tot erkenning en subsidiëring van de instellingen voor schuldbemiddeling en tot subsidiëring van een Vlaams centrum voor schuldenlast;
Gelet op het besluit van 22 september 2003 van de directeur-generaal van de administratie gezin en maatschappelijk welzijn houdende erkenning van het OCMW van het prefusiebestuur Knesselare als instelling voor schuldbemiddeling voor een periode van 3 jaar met ingang van 22 september 2003;
Gelet op het besluit van 10 december 2003 van de directeur-generaal van de administratie gezin en maatschappelijk welzijn houdende erkenning van het OCMW van het prefusiebestuur Aalter als instelling voor schuldbemiddeling voor een periode van 3 jaar met ingang van 10 december 2003;
Gelet op het besluit van 27 februari 2006 van de waarnemend directeur-generaal van de administratie gezin en maatschappelijk welzijn houdende de verlenging van de erkenning van het OCMW van het prefusiebestuur van Knesselare als instelling voor schuldbemiddeling voor een periode van 6 jaar met ingang van 22 september 2006;
Gelet op het besluit van 21 maart 2006 van de directeur-generaal van de administratie gezin en maatschappelijk welzijn houdende de verlenging van de erkenning van het OCMW van het prefusiebestuur Aalter als instelling voor schuldbemiddeling voor een periode van 6 jaar met ingang van 10 december 2006;
Gelet op het besluit van 22 februari 2012 van de secretaris-generaal van het departement welzijn, volksgezondheid en gezin houdende de verlenging van de erkenning van het OCMW van het prefusiebestuur van Knesselare als instelling voor schuldbemiddeling voor een periode van 6 jaar met ingang van 22 september 2012;
Gelet op het besluit van 20 juni 2012 van de secretaris-generaal van het departement welzijn, volksgezondheid en gezin houdende de verlenging van de erkenning van het OCMW van het prefusiebestuur Aalter als instelling voor schuldbemiddeling voor een periode van 6 jaar met ingang van 10 december 2012;
Gelet op de omzendbrief wel/97.05 van 23 juli 1997 van de Vlaamse minister van cultuur, gezin en welzijn, de heer L. Martens betreffende schuldbemiddeling – erkenningsvoorwaarden instellingen voor schuldbemiddeling;
Gelet op de beslissing van de OCMW-raad van het prefusiebestuur van Knesselare van 3 juli 2003 houdende de goedkeuring van de aanvraag van een erkenning als instelling voor schuldbemiddeling;
Gelet op de beslissing van de OCMW-raad van het prefusiebestuur van Aalter van 14 juli 2003 houdende de goedkeuring van de aanvraag van een erkenning als instelling voor schuldbemiddeling;
Gelet op de beslissing van de OCMW-raad van het prefusiebestuur van Aalter van 15 februari 2006 houdende de goedkeuring van de aanvraag tot verlenging van de erkenning als instelling voor schuldbemiddeling;
Gelet op de beslissing van de OCMW-raad van het prefusiebestuur van Knesselare van 6 april 2006 houdende de goedkeuring van de aanvraag tot verlenging van een erkenning als instelling voor schuldbemiddeling;
Gelet op de beslissing van de OCMW-raad van het prefusiebestuur van Knesselare van 9 februari 2012 houdende de goedkeuring van de aanvraag tot verlenging van een erkenning als instelling voor schuldbemiddeling;
Gelet op de beslissing van de OCMW-raad van het prefusiebestuur van Aalter van 20 februari 2012 houdende de goedkeuring van de aanvraag tot verlenging van de erkenning als dienst voor schuldbemiddeling;
Overwegende dat schuldbemiddeling verboden is, behalve wanneer ze gedaan wordt door bepaalde personen in de uitoefening van hun beroep, bijvoorbeeld advocaten of wanneer ze wordt uitgevoerd door instellingen die daartoe zijn erkend;
Overwegende dat een OCMW erkend kan worden als instelling voor schuldbemiddeling; dat het OCMW van het prefusiebestuur van Knesselare erkend is als instelling voor schuldbemiddeling sedert 3 juli 2003 met erkenningsnummer 14AF/74/03022; dat het OCMW van het prefusiebestuur van Aalter erkend is als instelling voor schuldbemiddeling sedert 10 december 2003 met erkenningsnummer 14AF/74/03031; dat deze erkenningen door een wijziging aan het decreet van 24 juli 1996 sedert 2013 van onbepaalde duur zijn;
Overwegende dat door de fusie de huidige erkenning als instelling voor schuldbemiddeling van het OCMW van het prefusiebestuur van Aalter en van het OCMW van het prefusiebestuur van Knesselare vervalt op 1 januari 2019; dat er een overgangsbepaling geldt zodat de sociale dienst aan schuldbemiddeling kan doen totdat de erkenning van fusiegemeente Aalter volledig afgerond is; dat indien de fusiegemeente Aalter haar werkzaamheden als erkende instelling voor schuldbemiddeling wenst verder te zetten, de raad voor maatschappelijk welzijn van deze fusiegemeente per aangetekende brief bij de afdeling Welzijn en Samenleving van het departement Welzijn, Volksgezondheid en Gezin een nieuwe erkenning als instelling voor schuldbemiddeling zal moeten aanvragen;
Overwegende dat de raad voor maatschappelijk welzijn er zich toe verbindt om zich te schikken naar de wettelijke en reglementaire bepalingen van toepassing op instellingen voor schuldbemiddeling en verklaart dat noch de instelling, noch de personen bedoeld in artikel 8 van het decreet van 24 juli 1996 houdende de regeling tot erkenning van de instellingen voor schuldbemiddeling van de Vlaamse Gemeenschap, zich bevinden in een toestand als bedoeld in artikel 8 van het decreet; dat artikel 8 het volgende bepaalt:
- in hoofde waarvan wordt vastgesteld dat zij, of één van hun organen, gemachtigden of aangestelden, blijk geven van een gebrek aan eerbaarheid of onbaatzuchtigheid,
- binnen dewelke de functies van voorzitter, bestuurder, directeur of gemachtigde zijn toevertrouwd aan een niet in ere hersteld persoon die veroordeeld werd tot een gevangenisstraf, zelfs met uitstel, van minstens één maand, voor een overtreding bedoeld in het koninklijk besluit nr. 22 van 24 oktober 1934 waarbij aan bepaalde veroordeelden en aan de gefailleerden verbod wordt opgelegd bepaalde ambten, beroepen of werkzaamheden uit te oefenen en waarbij aan de rechtbanken van koophandel de bevoegdheid wordt toegekend dergelijk verbod uit te spreken,
- binnen dewelke de functies van voorzitter, bestuurder, directeur of gemachtigde zijn toevertrouwd aan een persoon die tijdens de periode van vijf jaar, voorafgaand aan de aanvraag tot erkenning of tot hernieuwing van de erkenning, aansprakelijk gesteld zijn voor de verbintenissen of schulden van een gefailleerde vennootschap, bij toepassing van de artikelen 35, 6°; 63ter, 123, tweede lid, 7°, of 133bis van de gecoördineerde wetten op de handelsvenootschappen,
- die onvoldoende zelfstandig blijken te staan ten overstaan van personen of instellingen die een activiteit van kredietgever of kredietbemiddelaar uitoefenen in de zin van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet;
De aanvraag van een nieuwe erkenning als instelling voor schuldbemiddeling goed te keuren.