Gelet op artikel 21 van het decreet over het lokaal bestuur dat stelt dat gemeenteraadsleden uiterlijk vijf dagen vóór de vergadering punten aan de agenda kunnen toevoegen; dat de gemeenteraadsleden daarvoor hun toegelicht voorstel van beslissing bezorgen aan de algemeen directeur, die de voorstellen bezorgt aan de voorzitter van de gemeenteraad;
Gelet op artikel 5, §2 van het huishoudelijk reglement van de raad;
Gelet op het voorstel van raadslid Ann Depoortere (Groen):
Gelet op de stellingen van de indiener van het voorstel dat elektrisch fietsen in de lift zit en de bereikbaarheid van het station vanuit de verschillende deelgemeentes met de fiets zo verhoogt; dat de aankoop van een elektrische fiets een grote investering is; dat Aalter een knooppunt is voor openbaar vervoer maar de bereikbaarheid van het station een knelpunt is (files en onvoldoende parkeergelegenheid); dat momenteel geen groepsaankopen voor fietsen worden georganiseerd in de regio;
Overwegende dat schepen Kris Ally opwerpt dat de mensen niet meer moeten warmgemaakt worden voor de elektrische fiets; dat in 2012 10% van de verkochte fietsen elektrisch waren en dit aandeel gestegen is tot wellicht meer dan de helft in 2018; dat de mensen de weg dus al duidelijk hebben gevonden; dat bovendien voor een groepsaankoop de vraag zou moeten geüniformiseerd worden terwijl de behoeftes zeer divers liggen, zowel qua techniek en als besteedbaar budget; dat dit geen zou evidentie zijn; dat de schepen verder opwerpt dat er al een ruim aanbod bij de lokale middenstand is; dat er heel wat fietszaken zijn in de fusiegemeente Aalter; dat het voorstel van de groepsaankoop geen spreiding van aankopen over de verschillende lokale fietshandelaars bewerkstelligt; dat het bestuur vertrouwen heeft in de lokale handelszaken en er vanuit gaat dat ze een zeer performant aanbod bieden; dat wordt voorgesteld het voorstel te verwerpen;
Overwegende dat raadslid Paul Beheyt opwerpt dat elektrische fietsen een grotere CO2 uitstoot hebben dan een gewone fiets en daar niet te hard voor wil pleiten; dat hij geen voorstander is van een groepsaankoop en dit geen taak is van een gemeente; dat groepsaankopen niet noodzakelijk goedkopere aankopen zijn, dat dit ook al is bewezen en de gemeente niet direct een neutrale speler is en hij daarvoor wil waarschuwen;
Het voorstel wordt verworpen.