Terug
Gepubliceerd op 18/07/2019

2019_CBS_02155 - Collegebeslissing betreffende het ondergronds brengen van het kabelnet in de Nevelestraat en Kleitestraat op verzoek van Telenet

College van Burgemeester en Schepenen
ma 08/07/2019 - 16:00 collegezaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Hoste, Herlinde Trenson, Dirk De Smul, Kristof De Blaere, Philippe Verleyen, Luc De Meyer, Kris Ally, Johan Van den Kerchove, Luc Jolie

Afwezig

Mathias Van de Walle

Secretaris

Luc Jolie

Voorzitter

Patrick Hoste
2019_CBS_02155 - Collegebeslissing betreffende het ondergronds brengen van het kabelnet in de Nevelestraat en Kleitestraat op verzoek van Telenet 2019_CBS_02155 - Collegebeslissing betreffende het ondergronds brengen van het kabelnet in de Nevelestraat en Kleitestraat op verzoek van Telenet

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

dlb0031

Motivering

Gelet op de brief van 25 april 2019 van Telenet waarbij de toelating wordt gevraagd voor het ondergronds brengen van het kabelnet in de Nevelestraat en Kleitestraat;

Gelet op het ontwerpplan nr. 25036762 met aanduiding van de plaats van de werken;

Overwegende dat naar aanleiding van de vernieuwing van de metalen cabine 588 Nevelesteenweg2 door prefabcabine 6314 Kleitestraat de kabelnetten van Fluvius ondergronds worden aangelegd; dat het bovengronds kabelnet van Telenet in synergie ondergronds wordt aangelegd;

Overwegende dat ter hoogte van de Nevelestraat en Kleitestraat een subsidieaanvraag bij de VMM werd ingediend voor de uitvoering van een gemeentelijk rioleringsproject; dat de kans op subsidie groot is aangezien in de Nevelestraat een bovengemeentelijk rioleringsproject werd opgedragen aan Aquafin; dat de timing van Aquafin bepalend is voor de planning van het gemeentelijk deel;

Overwegende dat de aanpassingswerken van Fluvius niet kunnen worden uitgesteld tot de opstart van het rioleringsproject omwille van het dringend vernieuwen van de cabine; dat het ondergronds brengen van het kabelnet van Telenet in synergie dient te worden uitgevoerd met de werken van Fluvius;

Overwegende dat rekening houdend met bovenstaande de goedkeuring van de werken uitzonderlijk kan toegestaan worden mits rekening gehouden worden met hetvolgende:

-       de leidingen van Fluvius en Telenet dienen in dezelfde sleuf zo dicht mogelijk bij de rooilijn te worden aangelegd;

-       er geen garantie kan worden verleend dat bij het ontwerp van het rioleringsproject de kabelnetten alsnog moeten worden verplaatst;

-       een plan met de exacte ligging ten opzichte van rooilijn en de diepte van de kabelnetten dient aan het gemeentebestuur te worden bezorgd na uitvoering van de aanpassingswerken;

Regelgeving bevoegdheid

Artikel 56 ยง2 van het decreet lokaal bestuur
<p>artikel 56 &sect;2 van het decreet lokaal bestuur: het college oefent de bevoegdheden uit die eraan zijn toevertrouwd overeenkomstig artikel 41, eerste lid, van dit decreet, of overeenkomstig andere wettelijke en decretale bepalingen</p>

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Goedkeuring te verlenen aan het ontwerpplan nr. 25036762 van Telenet, Antoon Catriestraat 18 in Drongen voor ondergronds brengen van de kabelnetten in de Nevelestraat en Kleitestraat naar aanleiding van het plaatsen van de prefabcabine 6314 Kleitestraat, mits er rekening gehouden wordt met de volgende voorwaarden:

  • ter hoogte van de Nevelestraat en Kleitestraat werd een subsidieaanvraag bij de VMM ingediend voor de uitvoering van een gemeentelijk rioleringsproject. De kans op subsidie is groot aangezien in de Nevelestraat een bovengemeentelijk rioleringsproject werd opgedragen aan Aquafin. De timing van Aquafin is bepalend voor de planning van het gemeentelijk deel.
  • het vervangen van de metalen distributiecabine door Fluvius niet kan worden uitgesteld tot de opstart van het rioleringsproject, omwille van de interne vervangingslijst gebaseerd op risico’s, hierdoor wordt uitzonderlijk goedkeuring gegeven voor de aanpassingswerken op voorwaarde dat:
    • de leidingen van Fluvius en Telenet dienen in dezelfde sleuf zo dicht mogelijk bij de rooilijn te worden aangelegd;
    • er geen garantie kan worden verleend dat bij het ontwerp van het rioleringsproject de kabelnetten alsnog moeten worden verplaatst;
    • een plan met de exacte ligging ten opzichte van rooilijn en de diepte van de kabelnetten dient aan het gemeentebestuur te worden bezorgd na uitvoering van de aanpassingswerken;
  • het bekomen van de wegvergunning voor deze werken (minstens 14 dagen op voorhand aan te vragen).
  • er dient contact opgenomen te worden met depolitieomtrent eventuele wegomleidingen.
  • de aanpalende bewoners en bedrijven dienen minimum 3 werkdagen op voorhand per brief op de hoogte gebracht te worden van de totaliteit van de ondergrondse én bovengrondse werken, de fasering en elke wijziging in de planning. Dit zowel voor de werken in eigen beheer als voor de werken die uitbesteed worden en in opdracht worden uitgevoerd door aannemers. De hinder dient tot een minimum te worden beperkt.
  • het gemeentebestuur wenst een kopie te ontvangen van de brief die gericht wordt aan de bewoners en bedrijven.
  • voor aanvang van de werken dient een plaatsbeschrijving in 3 exemplaren bezorgd te worden aan het gemeentebestuur, die door middel van een fotoreportage een globaal beeld geeft van de huidige toestand van het openbaar domein.
  • alle werken worden uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen van het standaardbestek 250 versie 4.1.
  • de rijweg wordt maximaal gevrijwaard en kan onder geen beding worden opgebroken. Het aanleggen van de nieuwe leidingen onder de rijbaan gebeurt door middel van handboringen of gestuurde boringen.
  • voor fietspaden in betonverharding gelden volgende richtlijnen:
    • het fietspad over de volledige lengte van het vak  uitbreken en herstellen tot aan een bestaande voeg (desgevallend over een lengte van 4 – 5 meter)
    • opbraak over volledige breedte van het fietspad.
    • fundering minimaal conform bestaande.
    • aansluiting op bestaand beton wordt behandeld als dwarse werkvoeg en de voegen worden verdeuveld.
    • kleur en markeringen idem bestaande fietspad.
  • voor opritten in kws-verharding gelden meer bepaald volgende richtlijnen:
    • de verharding wordt rechtlijnig ingesneden op volle dikte door middel van een zaagsnede; de te vervangen zone is steeds rechthoekig en loopt loodrecht op of evenwijdig met de as van de weg.
    • op- en afbraakmaterialen die niet ter plaatse gebruikt kunnen worden, worden eigendom van de aannemer en onmiddellijk afgevoerd van de werfzone.
    • bitumineuze verhardingen met teer als bindmiddel worden afzonderlijk opgebroken en selectief afgevoerd.
    • aanvullingen, onderfundering en fundering worden aangebracht conform SB 250 rekening houdend met de minimale draagkracht. Op eenvoudig verzoek dienen de resultaten van de proeven voorgelegd te worden aan het gemeentebestuur.
    • een goede aansluiting met de bestaande asfaltverharding van de oprit en de rijweg door middel van voegband is noodzakelijk.
    • bij het aanbrengen van kws-verhardingen wordt rekening gehouden met de minimale temperatuur van de lucht zoals bepaald in het standaardbestek.
  • aanleg van leidingen in open sleuf is toegestaan ter hoogte van bermen en opritten mits er voldaan wordt aan volgende voorwaarden:
    • aanvullingen boven leidingen in open sleuf aangelegd dienen goed te worden gedicht.
    • de opgebroken opritten in kleinschalige verharding dienen oordeelkundig te worden hersteld, met minimale dikte van fundering in mager beton van 20 cm en een legbed van 3 cm zandcement. Gebroken of beschadigde klinkers of betontegels worden vervangen door identieke of gelijkwaardige exemplaren. Het bestaand legverband wordt gevolgd. De klinkers en betontegels dienen meermaals te worden ingezand. Kasseien worden met voegmortel of split terug ingevoegd.
    • bermen in steenslagverharding worden met de nodige steenslag heraangelegd, aarden bermen worden terug ingezaaid.
    • resultaten van de genomen slagsonde langs de sleuven in berm en opritten dienen op vraag van het gemeentebestuur ter beschikking te worden gesteld.
  • de nieuwe leidingen worden aangelegd op minimum 30 cm afstand van de bestaande hoofdriolering en ingebuisde grachten. Ze kruisen op minimum 20 cm afstand de bestaande huisaansluitingen op het rioleringsstelsel. Schade aan de openbare riolering (inclusief huisaansluitingen en kolkaansluitingen) ten gevolge van graafwerken wordt onmiddellijk gemeld aan het gemeentebestuur en oordeelkundig hersteld, waarvan het bewijs geleverd wordt door fotomateriaal.
  • ter hoogte van grachten dienen op de grachtbodem de nodige betonplaten te worden geplaatst om de leidingen die onder een gracht doorlopen te beschermen; leidingen dienen minimum 30 cm onder de grachtbodem te worden aangelegd.
  • leidingen aangelegd in de berm evenwijdig met de gracht dienen op minimum 50 cm van de kruin van de gracht te worden aangelegd.
  • in geval van werken ter hoogte van beplanting gelden volgende voorwaarden:
    • beschadiging aan beplanting dient zoveel mogelijk te worden voorkomen door middel van onderboring.
    • de te verwijderen beplanting dient vervangen te worden door nieuwe beplanting van dezelfde soort en maat ofwel dient de beplanting gedurende de duur van de werken (maximaal 1 week) te worden ingekuild en zo snel mogelijk opnieuw te worden aangeplant (bij droogte dient aan de beplanting regelmatig water te worden gegeven).
  • na de uitvoering van de werken dient het openbaar domein volgens de regels van de kunst in goede staat te worden hersteld.
  • het gemeentebestuur wordt in kennis gesteld van de einddatum van de werken zodat een nacontrole kan uitgevoerd worden in aanwezigheid van de opdrachtgever en uitvoerder.