Terug

2019_CBS_01496 - Collegebeslissing betreffende het vervangen ondergronds kabelnet in de Bosvijverdreef 22 op verzoek van Telenet

College van Burgemeester en Schepenen
ma 13/05/2019 - 15:15 collegezaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Hoste, Herlinde Trenson, Dirk De Smul, Mathias Van de Walle, Kristof De Blaere, Philippe Verleyen, Kris Ally, Johan Van den Kerchove, Luc Jolie

Afwezig

Luc De Meyer

Secretaris

Luc Jolie

Voorzitter

Patrick Hoste
2019_CBS_01496 - Collegebeslissing betreffende het vervangen ondergronds kabelnet in de Bosvijverdreef 22 op verzoek van Telenet 2019_CBS_01496 - Collegebeslissing betreffende het vervangen ondergronds kabelnet in de Bosvijverdreef 22 op verzoek van Telenet

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

dlb0031

Motivering

Gelet op de brief van 19 april 2019 van Telenet waarbij de toelating wordt gevraagd voor het vervangen van het ondergronds kabelnet ter hoogte van Bosvijverdreef 22;

Gelet op het RUP Woonpark welke stelt dat het drevenpatroon binnen het Woonpark refereert naar het oorspronkelijke ontginningspatroon; dat, om de relatie met de bosstructuur maximaal te behouden en te accentueren, het belangrijk is dat ook het drevenpatroon gerespecteerd wordt en dat op die manier de ruimtelijke relaties met de bosstructuur ook landschappelijk aanwezig blijven;

Gelet op de aanwezigheid op de betreffende locaties van oude beuken die gezond zijn; dat deze boomsoort oppervlakkig wortelt en bijgevolg zeer gevoelig is voor graafwerken; dat graafwerken binnen de wortelprojectie van bomen een rechtstreekse invloed hebben op het effect van bomen; dat grondwerken buiten de wortelprojectie van bomen onrechtstreeks invloed hebben op het effect van bomen en dat de gevolgen pas jaren later zichtbaar zijn (sterfte van de bomen, stabiliteitsproblemen, aantasting zwammen,…), met alle gevolgen vandien voor de conditie van de boom;

Gelet op het ontwerpplan nr. 25036410 met aanduiding van de plaats van de werken;

Overwegende dat conform het ontwerpplan een sleuf van 67 meter dient te worden aangelegd om 76 ondergronds kabelnet te vervangen;

Overwegende dat rekening dient gehouden te worden met de oude beuken in de Bosvijverdreef; dat aan het gebruik van de bestaande wachtbuis voorkeur dient te worden gegeven voor het vervangen van de ondergrondse kabel; dat indien hergebruik van de wachtbuis niet mogelijk is een gestuurde boring op een diepte van minimum 4 meter wordt opgelegd; dat de bomen in de Bosvijverdreef geen eigendom zijn van het gemeentebestuur, maar eigendom van de aangelanden; dat indien het hergebruik van de wachtbuis niet mogelijk is Telenet de eigenaars/aangelanden dient te contacteren om de plaats van de putten voor onderboring af te spreken;

Regelgeving bevoegdheid

Artikel 56 ยง2 van het decreet lokaal bestuur
<p>artikel 56 &sect;2 van het decreet lokaal bestuur: het college oefent de bevoegdheden uit die eraan zijn toevertrouwd overeenkomstig artikel 41, eerste lid, van dit decreet, of overeenkomstig andere wettelijke en decretale bepalingen</p>

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Goedkeuring te verlenen aan het ontwerpplan nr. 25036410 Telentet, Antoon Catriestraat 18 in Drongen voor het vervangen van het ondergronds kabelnet ter hoogte van Bosvijverdreef 22, mits er rekening gehouden wordt met de volgende voorwaarden:

  • het bekomen van de wegvergunning voor deze werken (minstens 14 dagen op voorhand aan te vragen).
  • er dient contact opgenomen te worden met de politie omtrent eventuele wegomleidingen.
  • de aanpalende bewoners en bedrijven dienen minimum 3 werkdagen op voorhand per brief op de hoogte gebracht te worden van de totaliteit van de ondergrondse én bovengrondse werken, de fasering en elke wijziging in de planning. Dit zowel voor de werken in eigen beheer als voor de werken die uitbesteed worden en in opdracht worden uitgevoerd door aannemers. De hinder dient tot een minimum te worden beperkt.
  • het gemeentebestuur wenst een kopie te ontvangen van de brief die gericht wordt aan de bewoners en bedrijven.
  • voor aanvang van de werken dient een plaatsbeschrijving in 3 exemplaren bezorgd te worden aan het gemeentebestuur, die door middel van een fotoreportage een globaal beeld geeft van de huidige toestand van het openbaar domein.
  • alle werken worden uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen van het standaardbestek 250 versie 4.1.
  • de rijweg wordt maximaal gevrijwaard en kan onder geen beding worden opgebroken. Het aanleggen van de nieuwe leidingen onder de rijbaan gebeurt door middel van handboringen of gestuurde boringen.
  • de nieuwe leidingen worden aangelegd op minimum 30 cm afstand van de bestaande hoofdriolering en ingebuisde grachten. Ze kruisen op minimum 20 cm afstand de bestaande huisaansluitingen op het rioleringsstelsel. Schade aan de openbare riolering (inclusief huisaansluitingen en kolkaansluitingen) ten gevolge van graafwerken wordt onmiddellijk gemeld aan het gemeentebestuur en oordeelkundig hersteld, waarvan het bewijs geleverd wordt door fotomateriaal.
  • leidingen aangelegd in de berm evenwijdig met de gracht dienen op minimum 50 cm van de kruin van de gracht te worden aangelegd.
  • nagaan of de bestaande wachtbuis kan worden hergebruikt; indien dit niet het geval is dient contact opgenomen te worden met de eigenaars/aangelanden om de plaats van de putten voor de gestuurde boring ter hoogte van de bomen af te spreken.
  • ter hoogte van de aanwezige beplanting dienen standaard bijkomende bijzondere voorwaarden te worden gerespecteerd:
    • afbakenen van een ‘beschermingszone’ ter hoogte van de bomen. De beschermingszone moet het wortelgestel beschermen tegen beschadiging. De grootte van de beschermingszone wordt als volgt bepaald: de kroonprojectie + 2,5 meter buiten de kroonprojectie.
    • binnen de beschermingszone mag er geen bodemverstoring of bodemverdichting zijn, geen ophoging of afgraving van de grond, geen opslag van materiaal, geen afval of puin storten, noch op de grond, noch in een container, geen toegang voor voertuigen of parking, geen tijdelijke gebouwen of werfketen, geen vuurtjes, alle ondergrondse leidingen omleiden buiten de beschermingszone, veranderingen in oppervlakkige waterafvoer in of uit de beschermingszone vermijden, geen waterhoeveelheden groter dan 100 liter uitgieten in de buurt van de bomen (bv spoelwater), solventen niet uitgieten in de buurt van de bomen, veranderingen in drainage zo ontwerpen dat de natuurlijke waterhuishouding binnen de beschermingszone zoveel mogelijk bewaard blijft, het zwenkbereik van torenkranen aanpassen zodat de boomkroon niet kan geraakt worden, ook niet door doorhangende kabels.
    • verplicht gebruik van perstechniek in de omgeving van de stam (= zone tot 2,5 m van de stam verwijderd), geen open sleuven. Het persen of boren gebeurt recht onder de boomstam om zo het minst wortels te beschadigen. De leidingen en kabels onder de boom moeten minstens 4 m diep gelegd worden.
    • machinaal grondverzet is verboden; binnen de beschermingszone van de boom (= 2 m tot buiten de kroonprojectie) wordt handmatig een sleuf gegraven, hierbij worden alle wortels met handgereedschap afgezaagd. De wortels worden dwars doorgezaagd met een scherpe handsnoeizaag. De verdere afgraving weg van de boom kan met zwaar materiaal, zonder extra wortelschade voor de boom. Wortels worden zoveel mogelijk behouden en er worden geen wortels dikker dan 5 cm weggenomen.
    • om de wortels te beschermen tegen uitdroging, wordt het blootgelegd bodemprofiel zo vlug mogelijk afgewerkt met aarde.
    • de bermen dienen in hun oorspronkelijke staat te worden hersteld.
    • alle afwijkingen moeten goedgekeurd worden door het gemeentebestuur.
  • een boomdeskundige kan in opdracht van het gemeentebestuur steeds ter plaatse komen ter controle van de werken. De instructies van deze boomdeskundige moeten strikt nageleefd worden.
  • in geval van werken ter hoogte van beplanting gelden volgende voorwaarden:
    • beschadiging aan beplanting dient zoveel mogelijk te worden voorkomen door middel van onderboring.
    • de te verwijderen beplanting dient vervangen te worden door nieuwe beplanting van dezelfde soort en maat ofwel dient de beplanting gedurende de duur van de werken (maximaal 1 week) te worden ingekuild en zo snel mogelijk opnieuw te worden aangeplant (bij droogte dient aan de beplanting regelmatig water te worden gegeven).
  • na de uitvoering van de werken dient het openbaar domein volgens de regels van de kunst in goede staat te worden hersteld.
  • het gemeentebestuur wordt in kennis gesteld van de einddatum van de werken zodat een nacontrole kan uitgevoerd worden in aanwezigheid van de opdrachtgever en uitvoerder.