Terug

2019_CBS_01506 - Collegebeslissing betreffende het verlenen van een omgevingsvergunning (OMV_2019025176) aan de heer Renaat Van Lierde

College van Burgemeester en Schepenen
ma 13/05/2019 - 15:15 collegezaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Hoste, Herlinde Trenson, Dirk De Smul, Mathias Van de Walle, Kristof De Blaere, Philippe Verleyen, Kris Ally, Johan Van den Kerchove, Luc Jolie

Afwezig

Luc De Meyer

Secretaris

Luc Jolie

Voorzitter

Patrick Hoste
2019_CBS_01506 - Collegebeslissing betreffende het verlenen van een omgevingsvergunning (OMV_2019025176) aan de heer Renaat Van Lierde 2019_CBS_01506 - Collegebeslissing betreffende het verlenen van een omgevingsvergunning (OMV_2019025176) aan de heer Renaat Van Lierde

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

dlb0031

Motivering

Gelet op het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid;

Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (Vlarem II), met latere wijzigingen, inzonderheid deel 3 (betreffende het opleggen van bijzondere vergunningsvoorwaarden), deel 4 (betreffende de algemene milieuvoorwaarden voor ingedeelde inrichtingen) en deel 5 (betreffende de sectorale milieuvoorwaarden voor ingedeelde inrichtingen);

Gelet op het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003 en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 8 betreffende het uitvoeren van de watertoets door overheden die over een vergunning, een plan of programma moeten beslissen;

Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 10 maart 2006 houdende de vaststelling van de regels voor de scheiding tussen de gemeentelijke en bovengemeentelijke saneringsverplichting en de vaststelling van de zoneringsplannen;

Gelet op de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn wijzigingsbesluiten;

Gelet op het omgevingsvergunningsdecreet van 25 april 2014 en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 15 §1 dat stelt dat het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg is bevoegd voor volgende aanvragen van: 1° de gemeentelijke projecten, 2° andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of deputatie bevoegd is;

Gelet op de omgevingsvergunningsaanvraag voor stedenbouwkundige handelingen, digitaal ingediend op 28 februari 2019 door de heer Renaat Van Lierde, Vrekkemstraat 38 in Aalter voor het regulariseren van een bergplaats en een serre in Aalter, Vrekkemstraat 38 en gekend in het kadaster als Aalter, afd. 8 (Ursel), sectie B, nr. 0182A en 0184B;

Gelet op de verklaring van volledigheid en ontvankelijkheid van de aanvraag op 18 maart 2019;

Gelet dat de aanvraag behandeld kan worden conform de vereenvoudigde procedure en dat een openbaar onderzoek niet is vereist;

Overwegende dat de beoordeling van de voorliggende aanvraag als volgt kan worden gemotiveerd:

De gemeentelijk omgevingsambtenaar adviseert de aanvraag op 30 april 2019 als volgt:

‘Toetsing aan de regelgeving en de stedenbouwkundige voorschriften of verkavelingsvoorschriften:

De plaats van de voorgenomen werken ligt in een woongebied met landelijk karakter. De woongebieden met landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven (artikel 6 van het KB van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen). De aanvraag betreft het regulariseren van een bergplaats en een serre en is principieel in overeenstemming met deze geldende plannen.

De afwijking- of uitzonderingsbepalingen zoals omschreven in artikel 4.4.10. tot 4.4.23. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening zijn niet van toepassing op deze aanvraag.

Openbaar Onderzoek:

De aanvraag wordt behandeld volgens de vereenvoudigde procedure. Een openbaar onderzoek is niet noodzakelijk.

Externe adviezen:

Het advies van het Departement Landbouw en Visserij werd ingewonnen. Op 2 april 2019 werd een voorwaardelijk gunstig advies verleend.

De volgende verordeningen zijn van toepassing:

gemeentelijke verordening houdende het vergunningsplichtig maken van meldingsplichtige werken goedgekeurd bij besluit van de deputatie van 17 november 2011;

gewestelijke stedenbouwkundige verordening van 5 juli 2013 inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater;

gemeentelijke verordening van 19 december 2013 inzake het plaatsen van windturbines;

gewestelijke stedenbouwkundige verordening van 9 juni 2017 voor breedband;

Historiek van de stedenbouwkundige vergunningen op het perceel:

Op 15 juni 1961 werd een stedenbouwkundige vergunning afgeleverd voor het bouwen van een veranda.

Op 21 april 1987 werd een stedenbouwkundige vergunning afgeleverd voor het bouwen van een woning.

Project-MER-screening:

De aanvraag heeft geen betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij het besluit van de Vlaamse regering van 1 maart 2013 inzake de nadere regels van de project-m.e.r.-screening (B.S. 29 april 2013) in uitvoering van het decreet van 23 maart 2012 over de m.e.r.-screening (B.S. 20 april 2012).

Watertoets:

Het voorliggende project is gelegen in een infiltratiegevoelig en niet-overstromingsgevoelig gebied en heeft met andere woorden beperkte invloed op het watersysteem. Er wordt geoordeeld dat er geen schadelijk effect zal worden veroorzaakt. Om verenigbaar te zijn met de doelstellingen van artikel 1.2.2 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018, moeten de opgelegde voorwaarden worden nageleefd.

De aanvraag betreft het regulariseren van een bergplaats en een serre. Het afstromend hemelwater van de bergplaats infiltreert op eigen terrein en het afstromend hemelwater van de serre wordt opgevangen in tonnen voor het besproeien van de tuin. De overloop van de regentonnen wordt afgeleid naar de tuin om daar te infiltreren. Er dient erop te worden toegezien dat het hemelwater op eigen terrein infiltreert en geen schade en wateroverlast veroorzaakt op aanpalende percelen. Indien de afstroming richting deze aanpalende percelen gebeurt, dienen de nodige maatregelen te worden genomen (opstaande boord, infiltratiegreppel, drains, afwateringsconstructies, ...) conform de voorwaarden van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater van 5 juli 2013.

Toetsing aan de omgevingseffecten:

Niet van toepassing.

Toetsing aan de goede ruimtelijke ordening:

Het perceel waarop de aanvraag betrekking heeft, is gelegen in het centrum van Ursel. De onmiddellijke omgeving kenmerkt zich door een lintbebouwing langsheen een voldoende uitgeruste weg en akkers.

Op het perceel bevindt zich een vrijstaande eengezinswoning met achteraan een serre en een bergplaats. Gezien de serre en de bergplaats niet eerder werden vergund, wenst de bouwheer dit te doen via deze omgevingsvergunningsaanvraag.

De serre heeft een oppervlakte van 20 m², en de berging heeft een oppervlakte van 82 m². Gezien de bijgebouwen samen groter zijn dan 40 m², kan het project in principe niet aanvaard worden. De bergplaats wordt echter deels aangevraagd als stalling voor het houden van dieren als hobbyactiviteit. Het advies van het Departement Landbouw en Visserij stelt dat de vergunningverlenende overheid moet nagaan of de aanvraag voldoet aan artikel 4.4.8/2. De stalling voldoet aan alle voorwaarden van artikel 4.4.8/2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening. De stalling wordt opgericht op minder dan 50 m van de hoofdzakelijk vergunde woning en heeft een kroonlijsthoogte van minder dan 3,5 m. Het heeft ook een maximale vloeroppervlakte van 120 m² per hectare graasland. Het advies van het Departement Landbouw en Visserij wordt bijgetreden. Gezien de aanvraag voldoet aan alle voorwaarden, en geen storend element is voor de omgeving, kan de aanvraag gunstig worden geadviseerd.'

Standpunt van het college van burgemeester en schepenen:

Het college van burgemeester en schepenen kan zich aansluiten bij dit advies en maakt dit als het hare. De omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen kan worden verleend.

Regelgeving bevoegdheid

Artikel 56 ยง2 van het decreet lokaal bestuur
<p>artikel 56 &sect;2 van het decreet lokaal bestuur: het college oefent de bevoegdheden uit die eraan zijn toevertrouwd overeenkomstig artikel 41, eerste lid, van dit decreet, of overeenkomstig andere wettelijke en decretale bepalingen</p>

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

De omgevingsvergunning te verlenen aan de heer Renaat Van Lierde, Vrekkemstraat 38 in Aalter voor het regulariseren van een bergplaats en een serre in Aalter, Vrekkemstraat 38 en gekend in het kadaster als Aalter, afd. 8 (Ursel), sectie B, nr. 0182A en 0184B.

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, indien nodig als uitvoering van andere regelgevingen.

Artikel 2

Dat de in artikel 1 bedoelde omgevingsvergunning afhankelijk is van volgende voorwaarden en/of lasten:

1. Het gemeentebestuur staat in voor de aanplakking van de omgevingsvergunning binnen de tien dagen nadat het college van burgemeester en schepenen over de aanvraag heeft beslist. Het gemeentebestuur staat ook in voor de publicatie op de gemeentelijke website.

2. De gemeenteraad van het prefusiebestuur Knesselare keurde op 3 februari 2016 een belastingreglement goed betreffende een te betalen belasting op private ingebruikname van het openbaar domein. Hiervoor dient contact opgenomen te worden met de gemeentelijke administratie op het nummer 09 325 22 00.

3. De gemeenteraad van het prefusiebestuur Knesselare keurde op 19 december 2018 een belastingreglement goed betreffende een contantbelasting op afgifte van de omgevingsvergunning, stedenbouwkundige en planologische attesten en openbaar onderzoek. De factuur wordt opgestuurd naar de aanvrager na afgifte van de omgevingsvergunning.

Artikel 3

De omgevingsvergunning uiterlijk tien dagen na datum waarop de beslissing is genomen via het Omgevingsloket ter kennis te brengen aan de aanvrager en de afdeling Ruimtelijke Ordening, bevoegd voor de omgevingsvergunning.

Artikel 4

Tegen deze beslissing kan, overeenkomstig de modaliteiten en de termijnen beschreven in artikel 52 en volgende van het decreet Omgevingsvergunning en artikel 73 en volgende van het besluit Omgevingsvergunning en mits betaling van de voorgeschreven dossiertaks, beroep worden ingediend bij de deputatie van de provincie Oost-Vlaanderen, Woodrow Wilsonplein 2, 9000 Gent of via www.omgevingsloket.be.