Terug

2019_CBS_01430 - Collegebeslissing betreffende het verlenen van een omgevingsvergunning (OMV_2019020232) aan de heer en mevrouw Kevin De Sutter - Joyce Van Acker

College van Burgemeester en Schepenen
ma 06/05/2019 - 16:00 collegezaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Hoste, Herlinde Trenson, Mathias Van de Walle, Kristof De Blaere, Philippe Verleyen, Kris Ally, Johan Van den Kerchove, Luc Jolie

Afwezig

Dirk De Smul, Luc De Meyer

Secretaris

Luc Jolie

Voorzitter

Patrick Hoste
2019_CBS_01430 - Collegebeslissing betreffende het verlenen van een omgevingsvergunning (OMV_2019020232) aan de heer en mevrouw Kevin De Sutter - Joyce Van Acker 2019_CBS_01430 - Collegebeslissing betreffende het verlenen van een omgevingsvergunning (OMV_2019020232) aan de heer en mevrouw Kevin De Sutter - Joyce Van Acker

Motivering

Motivering

Gelet op het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid;

Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (Vlarem II), met latere wijzigingen, inzonderheid deel 3 (betreffende het opleggen van bijzondere vergunningsvoorwaarden), deel 4 (betreffende de algemene milieuvoorwaarden voor ingedeelde inrichtingen) en deel 5 (betreffende de sectorale milieuvoorwaarden voor ingedeelde inrichtingen);

Gelet op het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003 en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 8 betreffende het uitvoeren van de watertoets door overheden die over een vergunning, een plan of programma moeten beslissen;

Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 10 maart 2006 houdende de vaststelling van de regels voor de scheiding tussen de gemeentelijke en bovengemeentelijke saneringsverplichting en de vaststelling van de zoneringsplannen;

Gelet op de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en zijn wijzigingsbesluiten;

Gelet op het omgevingsvergunningsdecreet van 25 april 2014 en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 15 §1 dat stelt dat het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg is bevoegd voor volgende aanvragen van: 1° de gemeentelijke projecten, 2° andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of deputatie bevoegd is;

Gelet op de omgevingsvergunningsaanvraag voor stedenbouwkundige handelingen, digitaal ingediend op 19 februari 2019 door de heer en mevrouw Kevin De Sutter - Joyce Van Acker, Sterrewijk 17 in Aalter voor het verbouwen en het uitbreiden van een eengezinswoning in Aalter, Sterrewijk 16 en gekend in het kadaster als Aalter, afd. 3, sectie H, nrs. 0791R, 0791Z en 0791A2;

Gelet op de verklaring van volledigheid en ontvankelijkheid van de aanvraag op 11 maart 2019;

Gelet dat de aanvraag behandeld kan worden conform de vereenvoudigde procedure en dat een openbaar onderzoek niet is vereist;

Overwegende dat de beoordeling van de voorliggende aanvraag als volgt kan worden gemotiveerd:

De gemeentelijk omgevingsambtenaar adviseert de aanvraag op 24 april 2019 als volgt:

‘Toetsing aan de regelgeving en de stedenbouwkundige voorschriften of verkavelingsvoorschriften:

Het perceel waarop de aanvraag betrekking heeft, is gelegen in een woongebied met landelijk karakter. De woongebieden met landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven (artikel 6 van het KB van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen). De aanvraag betreft het regulariseren van een carport en is principieel in overeenstemming met deze geldende plannen.

De afwijking- of uitzonderingsbepalingen zoals omschreven in artikel 4.4.10. tot 4.4.23. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening zijn niet van toepassing op deze aanvraag.

Openbaar Onderzoek:

De aanvraag wordt behandeld volgens de vereenvoudigde procedure. Een openbaar onderzoek is niet noodzakelijk.

Externe adviezen:

Er werden geen externe adviezen ingewonnen.

De volgende verordeningen zijn van toepassing:

gemeentelijke verordening houdende het vergunningsplichtig maken van meldingsplichtige werken goedgekeurd bij besluit van de deputatie van 17 november 2011;

gewestelijke stedenbouwkundige verordening van 5 juli 2013 inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater;

gemeentelijke verordening van 19 december 2013 inzake het plaatsen van windturbines;

gewestelijke stedenbouwkundige verordening van 9 juni 2017 voor breedband;

Historiek van de stedenbouwkundige vergunningen op het perceel:

Op 12 maart 1964 werd een stedenbouwkundige vergunning afgeleverd voor het bouwen van een eengezinswoning.

Project-MER-screening:

De aanvraag heeft geen betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij het besluit van de Vlaamse regering van 1 maart 2013 inzake de nadere regels van de project-m.e.r.-screening (B.S. 29 april 2013) in uitvoering van het decreet van 23 maart 2012 over de m.e.r.-screening (B.S. 20 april 2012).

Watertoets:

Het voorliggend project is gelegen in een infiltratiegevoelig en niet-overstromingsgevoelig gebied en heeft met andere woorden beperkte invloed op het watersysteem. Er wordt geoordeeld dat er geen schadelijk effect zal worden veroorzaakt. Om verenigbaar te zijn met de doelstellingen van artikel 1.2.2 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018, moeten de opgelegde voorwaarden worden nageleefd.

De gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater van 5 juli 2013 is van toepassing.

Het ontwerp moet voldoen aan de geldende regelgeving en aan de algemene voorwaarden opgenomen in de bijlage Algemene voorwaarden bouwprojecten, goedgekeurd door het prefusiebestuur Aalter op 10 april 2017.

Het rioleringsplan voldoet.

Daar de nieuw afwaterende oppervlakte meer dan 150 m² bedraagt, wordt bijkomend volgende bijzondere voorwaarden opgelegd:

  • De infiltratiecapaciteit van de bodem en de grondwaterstand dienen vooraf proefondervindelijk te worden vastgelegd door een labo. De resultaten dienen aan het gemeentebestuur te worden bezorgd. Indien de infiltratiecapaciteit meer dan 20 mm/u bedraagt kan 100% infiltratie worden nagestreefd.
  • Bij lagere infiltratiecapaciteit zijn enkel bovengrondse infiltratiesystemen toegestaan die boven de gemiddelde grondwatertafel worden aangelegd. Om de diepte te beperken kan een drainagekoffer over de volledige breedte van de wadi worden aangelegd. De wadi wordt verder ingericht als een gecombineerd systeem van infiltratie en buffersysteem zo gedimensioneerd dat het infiltratieoppervlakte 400 m²/ha bedraagt maar het buffervolume wordt verhoogd tot 330 m³/ha verharding (i.p.v. 250 m³/ha). Het ontwerp van deze constructie dient voor plaatsing te worden gerapporteerd aan het gemeentebestuur.

Toetsing aan de omgevingseffecten:

De aanvraag betreft het verbouwen en het uitbreiden van een eengezinswoning. Gezien de uitbreiding beperkt is, wordt geen negatief effect verwacht op de omgeving.

Toetsing aan de goede ruimtelijke ordening:

De bouwplaats situeert zich ten westen van het centrum van Aalter in een omgeving die zich kenmerkt door een lintbebouwing langsheen de voldoende uitgeruste weg. Op het perceel bevindt zich een vrijstaande eengezinswoning, met een bouwlaag onder zadeldak. In de tuinzone bevindt zich een bijgebouw dat ingeplant staat tegen de linkse perceelsgrens dat dienst doet als dubbele garage. De bouwheer wenst de woning te verbouwen en uit te breiden. Aan de linkerkant van de voorgevel wordt een uitbouw voorzien met een oppervlakte van 8 m², en een bouwlaag onder plat dak met een hoogte van 3 m. Door deze aanbouw wordt de leefruimte vergroot. Achteraan wordt een nieuwe veranda geplaatst met een oppervlakte van 18 m² en een licht hellend dak. Achter de dubbele garage wordt een carport geplaatst met een oppervlakte van 18 m², afgewerkt met hardhouten beplanking en een plat dak met een hoogte van 2,90 m. Aan de rechtse gevel wordt een nieuwe raamopening voorzien, en alle bestaande ramen worden vervangen door hoogrendementsglas. De uitbreiding langs de straatzijde zal gebeuren in dezelfde gevelmaterialen als het reeds bestaande gedeelte.

Het project betekent een opwaardering van het perceel, gezien alles vernieuwd wordt om beter te kunnen beantwoorden aan de huidige eisen inzake comfort en isolatie. Het perceel heeft een oppervlakte van 932 m², en is voldoende groot voor de totale uitbreiding van 44 m². Het ontwerp kan qua inplanting, vormgeving en materiaalgebruik worden aanvaard en integreert zich voldoende binnen de omgeving. De aanvraag is voor vergunning vatbaar.

Standpunt van het college van burgemeester en schepenen:

Het college van burgemeester en schepenen kan zich aansluiten bij dit advies en maakt dit als het hare. De omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen kan worden verleend.

Regelgeving: bevoegdheid

dlb0031

Regelgeving bevoegdheid

Artikel 56 ยง2 van het decreet lokaal bestuur
<p>artikel 56 &sect;2 van het decreet lokaal bestuur: het college oefent de bevoegdheden uit die eraan zijn toevertrouwd overeenkomstig artikel 41, eerste lid, van dit decreet, of overeenkomstig andere wettelijke en decretale bepalingen</p>

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

De omgevingsvergunning te verlenen aan de heer en mevrouw Kevin De Sutter - Joyce Van Acker, Sterrewijk 17 in Aalter voor het verbouwen en het uitbreiden van een eengezinswoning in Aalter, Sterrewijk 16 en gekend in het kadaster als Aalter, afd. 3, sectie H, nrs. 0791R, 0791Z en 0791A2.

Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, indien nodig als uitvoering van andere regelgevingen.

De aanvrager dient het college van burgemeester en schepenen op de hoogte te brengen van het begin van de werkzaamheden of handelingen waarvoor de vergunning is verleend. De kennisgeving gebeurt via het omgevingsloket, 35 dagen nadat de melding van aanplakking van de beslissing is gebeurd. Ga naar het tabblad “Uitvoering” en vervolgens naar “ACTIES”. Onder de “Verplichte acties” kan de start van de werken ingegeven en verstuurd worden.

Artikel 2

Dat de in artikel 1 bedoelde omgevingsvergunning afhankelijk is van volgende voorwaarden en/of lasten:

1. De werken mogen pas aanvatten 36 dagen na aanplakking van de omgevingsvergunning op de bouwplaats. Het gemeentebestuur staat in voor de aanplakking van de omgevingsvergunning binnen de tien dagen nadat het college van burgemeester en schepenen over de aanvraag heeft beslist. Het gemeentebestuur staat ook in voor de publicatie op de gemeentelijke website.

2. De gemeenteraad van de prefusiegemeente Aalter keurde op 13 april 2015 een belastingreglement goed betreffende een te betalen belasting op private ingebruikname van het openbaar domein. Hiervoor dient contact opgenomen te worden met de gemeentelijke administratie op het nummer 09 325 22 00.

3. De gemeenteraad van de prefusiegemeente Aalter keurde op 19 december 2018 een belastingreglement goed betreffende een contantbelasting op afgifte van de omgevingsvergunning, stedenbouwkundige en planologische attesten en openbaar onderzoek. De factuur wordt opgestuurd naar de aanvrager na afgifte van de omgevingsvergunning.

4. Het ontwerp moet voldoen aan de geldende regelgeving en aan de algemene voorwaarden opgenomen in de bijlage Algemene voorwaarden bouwprojecten, goedgekeurd door het gemeentebestuur op 10 april 2017. Het afwateringsplan kan niet beoordeeld worden omdat het niet werd toegevoegd.

5. De aanvang van de werken kan pas nadat de gemeentelijke administratie op de bouwplaats heeft vastgesteld dat de inplanting conform is aan het goedgekeurde plan. Telefonisch afspraak maken op het nummer 09 325 22 00.

6. De infiltratiecapaciteit van de bodem en de grondwaterstand dienen vooraf proefondervindelijk te worden vastgelegd door een labo. De resultaten dienen aan het gemeentebestuur te worden bezorgd. Indien de infiltratiecapaciteit meer dan 20 mm/u bedraagt kan 100% infiltratie worden nagestreefd.

7. Bij lagere infiltratiecapaciteit zijn enkel bovengrondse infiltratiesystemen toegestaan die boven de gemiddelde grondwatertafel worden aangelegd. Om de diepte te beperken kan een drainagekoffer over de volledige breedte van de wadi worden aangelegd. De wadi wordt verder ingericht als een gecombineerd systeem van infiltratie en buffersysteem zo gedimensioneerd dat het infiltratieoppervlakte 400 m²/ha bedraagt maar het buffervolume wordt verhoogd tot 330 m³/ha verharding (i.p.v. 250 m³/ha). Het ontwerp van deze constructie dient voor plaatsing te worden gerapporteerd aan het gemeentebestuur.

Artikel 3

De omgevingsvergunning uiterlijk tien dagen na datum waarop de beslissing is genomen via het Omgevingsloket ter kennis te brengen aan de aanvrager en de afdeling Ruimtelijke Ordening, bevoegd voor de omgevingsvergunning.

Artikel 4

Tegen deze beslissing kan, overeenkomstig de modaliteiten en de termijnen beschreven in artikel 52 en volgende van het decreet Omgevingsvergunning en artikel 73 en volgende van het besluit Omgevingsvergunning en mits betaling van de voorgeschreven dossiertaks, beroep worden ingediend bij de deputatie van de provincie Oost-Vlaanderen, Woodrow Wilsonplein 2, 9000 Gent of via www.omgevingsloket.be.

Artikel 5

De omgevingsvergunning vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:

1° als de verwezenlijking van de vergunde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;

2° als het uitvoeren van de vergunde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;

3° als de vergunde gebouwen niet winddicht zijn binnen drie jaar na de aanvang van de vergunde stedenbouwkundige handelingen.