Gelet op de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, artikelen 1 en 57;
Gelet op het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikel 351;
Gelet op het decreet van 4 mei 2018 betreffende de vrijwillige samenvoeging van de gemeenten Aalter en Knesselare en tot wijziging van de bijlage bij het decreet van 5 juli 2002 tot vaststelling van de regels inzake de dotatie en de verdeling van het Vlaams Gemeentefonds en de bijlage bij het Lokaal en Provinciaal Kiesdecreet van 8 juli 2011;
Gelet op de beslissing van de gemeenteraad van prefusiebestuur Aalter van 11 oktober 2017 betreffende de definitieve goedkeuring van de vrijwillige samenvoeging van de gemeenten Aalter en Knesselare met ingang van 1 januari 2019;
Gelet op de beslissing van de gemeenteraad van prefusiebestuur Knesselare van 11 oktober 2017 betreffende de definitieve goedkeuring van de vrijwillige samenvoeging van de gemeenten Aalter en Knesselare met ingang van 1 januari 2019;
Gelet op de beslissing van de OCMW-raad van prefusiebestuur Aalter van 15 juli 2015 betreffende de goedkeuring van het reglement ten laste name opnamekosten woon- en zorgcentra;
Gelet op de beslissing van de OCMW-raad van prefusiebestuur Knesselare van 9 maart 2017 betreffende de goedkeuring van het reglement tenlasteneming verblijfskosten in een Woon- en zorgcentrum;
Overwegende dat de reglementen van toepassing blijven op het grondgebied waarvoor ze zijn uitgevaardigd tot op de dag dat ze worden opgeheven; dat een beslissing omtrent elk reglement zich opdringt zodat de bepalingen gelijk zijn over gans het grondgebied;
Overwegende dat beide prefusiebesturen een reglement hebben betreffende een ten laste name van de verblijfskosten in een woonzorgcentrum (WZC); dat deze reglementen minimaal verschillen; dat het nieuwe reglement een samenvloeiing van beide reglementen is geworden;
Overwegende dat het wettelijke zakgeld met een nieuwe berekening zal uitbetaald worden; dat er gevraagd wordt aan het woonzorgcentrum om de aanvrager in de goedkoopste kamer binnen de instelling te huisvesten om de kosten te beperken; dat de aanvrager bereid moet zijn om in te stappen in Systeem I zodat de gelden van de aanvrager door het OCMW beheerd worden; dat de spaargelden maximum 2.500 euro mogen bedragen zodat een begrafenis kan betaald worden; dat de onderhoudsplicht verder zal toegepast worden; dat er rekening gehouden wordt met een eventuele thuiswonende partner en diens menswaardig bestaan;
Overwegende dat dit steunreglement moet voorgelegd worden aan de raad voor maatschappelijk welzijn;
Het reglement tussenkomst in de verblijfskosten van het WZC principieel goed te keuren.
Het reglement tussenkomst in de verblijfskosten van het WZC ter goedkeuring voor te leggen aan de raad voor maatschappelijk welzijn.